‘Ruimte voor visserij in een Noordzee vol windmolens’

Vismagazine_Windmolens op Zee

Tien visserijorganisaties overhandigden op 5 februari hun visie over de toekomst van de visserij in relatie tot de plannen voor Wind op Zee aan leden van de Tweede Kamer en het Europarlement. De visie, genaamd 'Ruimte voor visserij in een Noordzee vol windmolens', heeft als kern dat de visserij een transitie zal moeten doormaken om te komen tot een vloot die naar aard en omvang past bij de nieuw ontstane situatie op de Noordzee. De kosten hiervoor dienen gedragen te worden door een maatschappelijk fonds.

Met oog op de enorme windmolenplannen sloegen tien visserijorganisaties de handen ineen, met als primaire vraag: hoe houden we duurzame voedselproductie in stand, ondanks de razendsnelle opkomst van Wind op Zee? In deze visie wordt gekeken naar een transitie van zowel de vloot als de faciliteiten op land en daar zijn kosten aan verbonden. Deze kosten moeten onderdeel zijn van de energietransitie, van de maatschappelijke wens om duurzame energie op zee te produceren in plaats van op land.

Op één vlak zijn alle betrokkenen het met elkaar eens: Er ontbreekt veel kennis. Er wordt niet gewerkt op basis van onderzoek naar de effecten van windparken, en dat baart zowel de visserij als natuurorganisaties zorgen. “Er is een roep om gezamenlijke kennisontwikkeling maar er wordt niet de tijd genomen om daar eerst aan te werken. De ontwikkeling van de parken gaan zo snel, dat er daardoor geen tijd is voor adequate besluitvorming.”, aldus Pim Visser, directeur van VisNed.

Het Nederlandse streven is om op de Noordzee windenergie uit te breiden van 4,5 gigawatt in 2023 tot 60 gigawatt in 2050. Een gigantische oppervlakte van de Noordzee staat dan vol met windparken. Deze windparken worden nodig geacht in het kader van de energietransitie en zijn belangrijk met oog op de internationale doelstellingen voor duurzame energie. De windparken kunnen, qua ruimte, niet op land worden gerealiseerd, overigens is dat maatschappelijk gezien ook onwenselijk – maar ook op de Noordzee hebben gebruikers veel hinder van de windparken die gebouwd en gepland zijn. Voor vissers zijn dit gebieden die onbevisbaar worden, er moet worden omgevaren en er zijn zorgen over effecten op milieu en klimaat.

Zoals visserman Dirk Kraak (actiegroep EMK) aangaf: “We weten nu wat voor enorme gevolgen de aanleg van de Afsluitdijk heeft gehad op het hele systeem, maar Wind op Zee wordt doorgezet en straks komen we erachter dat al die windparken onomkeerbare effecten hebben op het milieu, de diersoorten en het klimaat. We moeten voorzichtig omgaan met onze Noordzee.”

De visie geeft antwoord op de vraag zoals deze in het OFL-proces gesteld is, namelijk wat wil de visserij? Het antwoord hierop is helder en duidelijk, volgens Visser: “De visserij wil meewerken aan een Noordzee-akkoord en snapt dat zij daarvoor zal moeten veranderen. Deze transitie is echter niet gratis en we willen wél duurzaam blijven vissen.”

Lees ook
Met de kop in de wind

Met de kop in de wind

Het is één van de oudste beroepsgroepen ter wereld: de visserij. Ook Nederland kent een eeuwenoude traditie van het vissersambacht. Nog steeds zijn er traditionele vissersfamilies die al meer dan 300 jaar bestaan. Volgens Gees R. van Hemert, auteur van het boek ‘Met de kop in de wind’, is dit te danken aan de manier waarop...

Vissers blij met visquota maar kwaad op ngo's

Vissers blij met visquota maar kwaad op ngo's

Eind 2020 werden de visquota voor 2020 vastgesteld. Zowel tong als schol ontwikkelen zich goed. Dit betekent dat de Nederlandse vissers in 2020 meer tong en iets minder schol mogen vangen. De vissers zijn blij met de boodschap laat EMK weten, maar ze zijn het geroep van ngo’s over overbevissing meer dan beu.

Visserijquota 2020 vastgesteld

Visserijquota 2020 vastgesteld

De Europese visserijministers en de Europese Commissie bereikten woensdagochtend 18 december in Brussel een akkoord over het visserijquotum voor 2020. Voornamelijk tong en schol – belangrijke commerciële soorten voor de Nederlandse vloot – ontwikkelen zich gunstig. Het kabeljauwquotum is drastisch verlaagd.